17/04/2019

Hervorming van het Burgerlijk Wetboek: nieuwe bewijsregels goedgekeurd

shutterstock_1155429262.jpg

In een eerdere nieuwsbrief hebben wij u reeds geïnformeerd over de plannen van minister van justitie Koen Geens om het bestaande Burgerlijk Wetboek na meer dan 200 jaar te hervormen. Zo staat onder meer een hervorming van het verbintenissenrecht, het zakenrecht, het bewijsrecht en het aansprakelijkheidsrecht op til.

De hervorming van het bewijsrecht heeft ondertussen concrete vormen aangenomen. Op 4 april 2019 heeft de Kamer het ‘Wetsontwerp van 31 oktober 2018 houdende invoeging van Boek 8 “Bewijs” in het nieuw Burgerlijk Wetboek’ goedgekeurd. Dit nieuwe Boek 8 moet het bewijsrecht ‘up-to-date’ maken, mee met de snel evoluerende maatschappij in de 21ste eeuw. Boek 8 is bovendien duidelijk verstaanbaar geschreven aan de hand van een aantal heldere definities die de eigenlijke regels voorafgaan, overeenkomstig een heldere structuur ook.

De meest frappante wijziging is dat de bewijsregels voor rechtshandelingen tussen niet-ondernemingen sterk worden versoepeld. Waar op heden een ondertekend geschrift vereist is voor rechtshandelingen die de waarde van € 375,00 te boven gaan, wordt dit bedrag in het goedgekeurde wetsontwerp opgetrokken naar € 3.500,00. Voor andere verrichtingen, met een waarde lager dan € 3.500,00 volstaat het in de toekomst aldus om hieromtrent e-mails, sms-berichten, edm. voor te kunnen leggen.

Een tweede interessante verandering is dat de rechter in het nieuwe Boek 8 de bevoegdheid krijgt om de bewijslast tussen partijen om te draaien. Waar op heden de bewijslast rust op de partij die meent een ander in rechte te kunnen aanspreken -hetgeen trouwens ook in Boek 8 de algemene regel zal blijven-, zal de rechter in de toekomst de partij die in rechte wordt aangesproken met dat bewijs kunnen belasten. Let wel: de rechter zal dit slechts kunnen doen in een met redenen omklede beslissing en enkel in het geval van bijzondere omstandigheden wanneer de toepassing van de algemene regel kennelijk onredelijk zou zijn.

Het nieuwe Boek 8 maakt verder het ‘bewijs door waarschijnlijkheid’ mogelijk. Als uitzondering op het algemene principe dat bewijs moet geleverd worden met een redelijke mate van zekerheid, zal het bewijs van een ‘negatief feit’ (iets dat niet is gebeurd) in de toekomst kunnen geleverd worden aan de hand van de waarschijnlijkheid daarvan. Men zal dus aan de hand van stukken, feiten, omstandigheden, edm. aannemelijk of “waarschijnlijk” kunnen maken dat iets niet is gebeurd.  

Daarnaast voegt het nieuwe Boek 8 ook de bewijsregels tussen en tegen ondernemingen in het Burgerlijk Wetboek. De vrije bewijsvoering (zonder geschrift, zelfs voor rechtshandelingen boven de € 3.500,00) die geldt tussen en tegen ondernemingen wordt bovendien uitgebreid tot vrije beroepen en landbouwers. Tevens wordt letterlijk in het wetsontwerp bepaald dat een aanvaarde of niet binnen een redelijk termijn betwiste factuur het bewijs levert van een rechtshandeling en niet enkel van een koopovereenkomst.

De inwerkingtreding van voormelde bepalingen zullen nog even op zich laten wachten. Hoewel het ontwerp ondertussen reeds werd goedgekeurd zal het pas in werking treden op de eerste dag van de achttiende maand nadat de eigenlijke wet in het Belgisch Staatsblad bekend wordt gemaakt.