18/10/2016

Het Belgische recht omvat niet noodzakelijk de Belgische agentuurwet

302_detail.jpg

In een vonnis van 3 september 2015 heeft de Rechtbank van koophandel Gent, afdeling Gent het autolimitatief karakter van de Belgische agentuurwet (huidig boek X van het Wetboek Economisch Recht) bevestigd. Dat betekent dat het feit dat partijen gekozen hebben om het Belgische recht toe te passen op hun relatie, niet noodzakelijk impliceert dat ook de Belgische agentuurwet van toepassing is. 

De situatie die de Rechtbank moest beoordelen laat zich kort samenvatten. Een Belgische principaal sluit een agentuurovereenkomst met een Turkse agent, die de principaal in Turkije zal vertegenwoordigen. Het contract bepaalt dat het "Belgische recht" van toepassing is. Wanneer de Turkse agent zich bij de beëindiging van de overeenkomst door de Belgische principaal op de Belgische agentuurwet (als onderdeel van het Belgische recht) beroept om opzeggingsvergoeding en uitwiningsvergoeding te krijgen, maakt de principaal bezwaar. Laatstgenoemde is immers van mening dat de keuze voor het Belgische recht niet de Belgische agentuurwet impliceert. 

De principaal steunt zich op oud artikel 27 van de Belgische agentuurwet (huidig artikel X.25 Wetboek Economisch Recht) bepaalt:

"Onverminderd de toepassing van internationale verdragen die België heeft gesloten, is elke activiteit van een handelsagent met hoofdvestiging in België onderworpen aan de Belgische wet en behoort tot de bevoegdheid van de Belgische rechtbanken." 

A contrario leidt hij daar uit af dat de Belgische agentuurwet een autolimitatief karakter heeft, en dat een loutere verwijzing naar het Belgische recht in het algemeen niet voldoende is opdat de Belgische agentuurwet van toepassigng zou zijn wanneer de agent niet zijn hoofdvestiging in België heeft. 

En de rechtbank volgt de principaal daar in. Weinig verrassend verantwoordt de rechtbank haar beslissing door de analogie te maken met de Alleenverkoopwet van 1961, waarvan het Hof van Cassatie het autolimitatief karakter reeds in 2006 bevestigd heeft. Aldus stelt de rechtbank dat het de bedoeling was van de Belgische wetgever om ook de bescherming van de Belgische agentuurwet te beperken tot situaties waarin het aanknopingspunt, m.n. de plaats van de zetel van de agent, zich in België bevindt. 

Dat brengt de rechtbank tot het besluit dat de keuze voor het Belgisch recht in het algemeen niet de dwingende toepassing van de Belgische agentuurwet met zich brengt. 

Maar daarmee is de kous niet af. De agent argumenteert verder dat de Belgische agentuurwet in dat geval niet in overeenstemming is met de Europese agentuurrichtlijn, dan wel dat minstens de Belgische agentuurwet toch moet toegepast worden aangezien het om bijzonder dwingend recht van het Belgische forum gaat.

Dat is voor de rechtbank de aanleiding om, op suggestie van de agent, een prejudiciële vraag te stellen aan het Hof van Justitie. Met name vraagt de rechtbank of de Belgische agentuurwet in overeenstemming is met de Europese agentuurrichtlijn en/of de bepalingen van de associatieovereenkomst inzake de toetreding van Turkije tot de Europese Unie en/of de verbintenissen tussen Turkije en de Europese Unie om beperkingen met betrekking tot het vrije dienstenverkeer op te heffen, wanneer de Belgische agentuurwet bepaalt dat zij enkel van toepassing is op handelsagenten met hoofdvestiging in België.  De rechtbank wenst dus te weten of de Belgische agentuurwet met haar autolimitatief karakter wel een correcte omzetting is van de Europese agentuurrichtlijn.   

Op 30 oktober 2015 heeft het Europees Hof van Justitie de prejudiciële vraag ontvangen. Voorlopig is de conclusie van de advocaat-generaal nog niet op de website van het Hof van Justitie gepubliceerd. In afwachting van een uitspraak verdient het in elk geval aanbeveling om in een situatie waar u de Belgische agentuurwet wenst toegepast te zien op uw relatie met een buitenlandse principaal of agent, en de agent zijn hoofdvestiging niet in België heeft, uitdrukkelijk te bepalen dat de Belgische agentuurwet, als onderdeel van het Belgische recht, van toepassing is.