25/01/2012

Nieuwe regels in voege voor schenking en vererving van familiebedrijven

Niet zo lang geleden vertoefde het nog in de taboesfeer, op vandaag wint vermogens- en successie-planning steeds meer aan terrein. Terecht, want de mogelijkheden zijn groter dan doorgaans aange-nomen. Deze bijdrage richt zich in het bijzonder op de Vlaamse decretale bepalingen over de over-dracht van het familiebedrijf. Sinds 01/01/2012 is immers een gewijzigde regeling van kracht, die het mogelijk maakt om het familiebedrijf kosteloos te schenken, dan wel te laten vererven aan een gunstig tarief.

Mr. Bernhard De Muynck licht u de nieuwe regels inzake schenking en vererving van familiebedrijven nader toe.

Oude regeling geen onverdeeld succes

Tot eind december 2011 kon een familie-bedrijf nog geschonken worden aan een tarief van 2% (in plaats van 3% of 7%), op voorwaarde tenminste dat aan een reeks modaliteiten was voldaan. De activiteits-voorwaarde was daar één van. Deze impli-ceerde dat de activiteit van de familiale on-derneming gedurende minstens vijf jaar na de overdracht verder gezet moest worden.

Maakte het familiebedrijf bij het overlijden van de Vlaamse ondernemer daarentegen deel uit van zijn nalatenschap, dan waren zijn erfgenamen daarop geen successie-rechten verschuldigd. Ook dat 0%-tarief was niet onvoorwaardelijk: zowel drie jaar voor als vijf jaar na het overlijden van de ondernemer dienden een aantal voorwaar-den vervuld te zijn. Onder meer de tewerk-stelling in het familiebedrijf diende in die achtjarige periode op peil te blijven, wilde men blijven genieten van de vrijstelling.

De Vlaamse decreetgever stelde evenwel vast dat de oude regeling tot overdracht van het familiebedrijf door schenking of vererving geen al te groot succes kende. De complexiteit van de bepalingen speelde daarbij een grote rol. Ook de geringe bekendheid van de maatregelen had een niet onbelangrijke invloed op het matige succes ervan. Omdat de decreetgever anderzijds veel belang hecht aan de continuïteit van de Vlaamse ondernemingen, werd de oude regeling in het programmadecreet van 21/12/2011 op diverse punten aangepast. Onder meer de voorwaarden tot toepassing van respectievelijk de vrijstelling van schenkingsrechten (0%-tarief) en vermindering van successierechten (3% in rechte lijn en tussen echtgenoten of samenwonenden, en 7% tussen andere personen) werden daarbij gesynchroniseerd.

De belangrijkste aspecten van de nieuwe regeling worden hierna in grote lijnen overlopen.

Familiebedrijven

Wil de Vlaamse ondernemer toepassing maken van het fiscale gunstregime, dan moet er sprake zijn van:
  1. ofwel activa die door de ondernemer (of zijn echtgenoot of samenwonende partner) beroepsmatig werden geïnvesteerd in een familiale onderneming. Wanneer de overdracht betrekking zou hebben op onroerende goederen die hoofdzakelijk tot bewoning worden aangewend óf zijn bestemd, dan is de vrijstel-ling/vermindering niet van toepassing. Een patrimoniumvennootschap zal bij-voorbeeld uit de boot vallen.
  2. ofwel aandelen van een ‘familiale ven-nootschap', zijnde een vennootschap die een nijverheids-, handels-, am-bachts- of landbouwbedrijf uitbaat dan wel een vrij beroep tot doel heeft. Voorwaarde is wel dat de aandelen op het ogenblik van de schenking/het overlijden voor ten minste de helft in volle eigendom toebehoren aan de onder-nemer en/of zijn familie.

Onder de nieuwe regeling kunnen ook vennootschappen die in handen zijn van meerdere families genieten van de gunstige tarieven. Zo hoeft de schenker/erflater minstens 30% van de aandelen in handen te hebben indien hij (en/of zijn familie) samen met één of twee andere aandeelhouders (en hun familie) volle eigenaar is van respectievelijk minstens 70% en 90% van de aandelen.

Volgend voorbeeld illustreert deze regeling: Paul, die samen met zijn kameraden Jo en Gaston een intussen bijzonder succesvolle vennootschap heeft opgericht, wenst zijn aandelen van die vennootschap te schenken aan zijn dochter Greta. Paul zal toepassing kunnen maken van het schenkingstarief van 0% indien hij:

  • 50% van de aandelen bezit;
  • 40% van de aandelen bezit en Jo 30% van de aandelen bezit;
  • 30% van de aandelen bezit, terwijl Jo en Gaston elk eveneens 30% van de aandelen bezitten.

Reële economische activiteit

Niet elke familiale vennootschap zal even-wel kunnen genieten van de vrijstel-ling/vermindering. De vennootschappen die geen reële economische activiteit hebben, worden immers uitgesloten. Indien meer bepaald uit de boekhouding van één van de drie voorafgaande jaren blijkt dat de bezoldigingen, sociale lasten en pensioenen 1,50% of minder bedragen van de totale kosten, én de terreinen en gebouwen 50% of meer uitmaken van het totale actief, dan wordt vermoed dat de vennootschap geen reële economische activiteit heeft. Beide voorwaarden moeten cumulatief vervuld zijn, en zijn bovendien weerlegbaar.

Hiermee wilde de decreetgever onder meer vermijden dat de nieuwe regeling zou wor-den aangegrepen om vastgoed via patri-moniumvennootschappen op een goedkope wijze te schenken of te laten vererven.

Voorwaarden ná de schenking of erfenis

Omdat het fiscale gunstregime nog steeds als doel heeft de continuïteit van de onderneming te verzekeren, moeten ook in de periode ná de schenking of het overlijden een aantal voorwaarden vervuld zijn wil de begiftigde of erfgenaam vermijden dat alsnog de normale registratie- of successierechten van toepassing worden.

Familieactiva - Ingeval van overdracht van in de familiale onderneming geïnvesteerde activa, moet de activiteit van de familiale onderneming vooreerst zonder onderbre-king gedurende drie jaar vanaf de datum van schenking of overlijden voortgezet worden. Dat één en ander niet evident zal zijn voor de erfgenamen van pakweg een architect die komt te overlijden, spreekt voor zich. Daarnaast mogen, in zoverre ook onroerende goederen werden overgedragen, deze niet hoofdzakelijk tot bewoning aangewend of bestemd worden gedurende een periode van drie jaar vanaf de datum van schenking/overlijden. 

Aandelen familiale vennootschap - Ingeval van overdracht van aandelen van de familiale vennootschap, moet cumulatief aan volgende vier voorwaarden voldaan zijn, die telkens vervuld moeten zijn gedurende een periode van drie jaar na de schenking/erfenis. Vooreerst moet de familiale vennootschap in die periode een reële economische activiteit (zie hoger) blijven behouden, terwijl de activiteit van de vennootschap ten tweede ook ononderbroken moet worden voortgezet. Of de vennootschap in die periode een andere activiteit mag uitoefenen, valt te betwijfelen. Ten derde mag het kapitaal niet dalen door uitkeringen of terugbetalingen. Over de reserves van de vennootschap wordt evenwel niets bepaald. Tot slot mag de maatschappelijke zetel van de vennootschap niet buiten de Europese Economische Ruimte gebracht worden.

Fictiebepaling

Niet onbelangrijk is dat ook artikel 7 van het Wetboek Successierechten aangepast werd. Dit artikel bevat één van de zoge-naamde fictiebepalingen. Fictiebepalingen zijn bepalingen die willen vermijden dat men door bepaalde handelingen tijdens het leven successierechten zou proberen te ontwijken. Zij stellen in het algemeen dat goederen die men tijdens zijn leven onder bepaalde omstandigheden heeft overgedragen, voor de berekening van de successierechten toch tot de nalatenschap moeten worden gerekend.

Zo zullen de via een Nederlandse notaris (kosteloos) geschonken aandelen van de familievennootschap toch nog in aanmer-king genomen worden voor de toepassing van de successierechten, indien die schenking plaatsvond in de zeven jaar voor overlijden van de schenker. Vreemd genoeg geldt het voorgaande ook voor de schenking van aandelen van de patrimoniumven-nootschap, die nochtans niet onder de vrijstelling valt. Dergelijke vennootschap via een Nederlandse notaris schenken zonder betaling van de schenkingsrechten, houdt dus een risico in, aangezien de schenker naderhand zeven jaar moet blijven leven, wil hij extra successierechten vermijden.

Conclusie

De nieuwe regeling biedt, al dan niet in combinatie met andere planningstech-nieken, heel wat mogelijkheden voor de Vlaamse ondernemer die zijn familiever-mogen via schenking (of testament) op een fiscaal gunstige wijze wenst over te dragen. Voor bedrijfsleiders die hun pensioen zien naderen, loont het dus zeker de moeite om na te gaan of ze onder toepassing van het gunstregime vallen.