Aandelen op naam schenken via inschrijving in het aandelenregister. Kan het nu of kan het nu niet? Een uitspraak van het hof van beroep van Antwerpen laat een ander licht over de zaak schijnen.

Aandelen op naam schenken via inschrijving in het aandelenregister. Kan het nu of kan het nu niet? Een uitspraak van het hof van beroep van Antwerpen laat een ander licht over de zaak schijnen.

Nog al te vaak worden aandelen op naam geschonken door deze in het aandelenregister over te schrijven van bijvoorbeeld vader op zoon.

Het zit ingebakken en men verleert het niet. Ouders die aandelen van hun (familie)bedrijf willen schenken aan (één van) hun kinderen (de volgende generatie) en daarvoor overgaan tot een wijziging van het aandelenregister. Concreet worden de aandelen in het aandelenregister dan geschrapt van de naam van de ouders (schenkers) en worden deze ingeschreven op naam van (één van) de kinderen (begiftigden). Een datum en handtekening plaatsen en klaar is kees. Eenvoudig en bovendien goedkoop. Geen notariskosten. Geen schenkbelasting. De aandelen zijn overgedragen, toekomstige meerwaarde valt te beurt van de begiftigden en ook fiscaal hoeft men van een overlijden niet meer wakker te liggen, althans mits nog een bepaalde periode te overbruggen (in de regel 3 jaar, binnenkort wellicht 4 jaar, voor aandelen van familiale vennootschappen evenwel 7 jaar). Maar klopt dit wel allemaal?

De ouders-schenkers verkeren in de waan dat de overdracht definitief is geregeld en niet meer ter discussie kan staan.

De overdracht is gebeurd, de jaren verlopen en de ouders-schenkers leven in de veronderstelling dat alles definitief is geregeld. Vele jaren later, na een meer gespecialiseerd advies in het kader van een ruimere familiale planning of, slechter nog, na een tussengekomen overlijden, komen partijen vaak van een kale reis terug. De overdracht van de aandelen lijkt helemaal niet zeker te zijn. Meer nog, het is een tikkende tijdbom.

Wat zeker is, is dat de inschrijving van aandelen in het aandelenregister niet zelf de schenking mag tot stand brengen. Doet het dat wel, dan ligt er een akte voor en in dat geval vereist artikel 931 van het Burgerlijk Wetboek dat de akte een notariële akte is. Gevolg: een nietige schenking. De nietigheid is tijdens het leven van de schenker zelfs absoluut. Dat betekent dat de nietigheid kan worden ingeroepen door elke belanghebbende (niet in het minst door de minderbedeelde kinderen maar bijv. ook door de fiscus) en dat de rechter zelfs verplicht is om de nietigheid uit te spreken. Zelfs de schenkers zelf kunnen de nietigheid post factum laten vaststellen en zo op de door hen gedane schenking trachten terug te komen. Ook (en misschien zelfs vooral) na het overlijden van de schenker kan de schenking door benadeelde erfgenamen in vraag worden gesteld en kan de nietigheid ervan worden gevorderd.

Echter, ook de vraag of aandelen onrechtstreeks (d.i. zonder dat de inschrijving laat uitschijnen of het om een schenking gaat) via een wijziging in het aandelenregister kunnen worden geschonken, verdeelt de rechtsleer. Volgens de ene (minderheids)strekking kan het wel en veroorzaakt de inschrijving in het aandelenregister de overdracht van de aandelen (er is dan sprake van een onrechtstreekse schenking); volgens de andere (meerderheids)strekking kan het niet en kan de inschrijving van aandelen in het aandelenregister enkel de uitvoering/bevestiging zijn van een (vooraf rechtsgeldig) tot stand gekomen schenking maar niet de schenking zelf tot stand brengen. Het aandelenregister heeft volgens deze strekking geen eigendomsoverdragende werking maar maakt enkel een (vooraf reeds geldig tot stand gekomen) schenking tegenstelbaar aan de vennootschap en aan derden. De inschrijving geldt dan als loutere publiciteitsmaatregel om derden toe te laten kennis te nemen van de identiteit van de aandeelhouder. De schenking zelf moet tussen partijen evenwel tot stand komen volgens de regels eigen aan de schenking. Een aanpassing van het aandelenregister zonder (rechtsgeldige onderliggende) schenking, is dan simpelweg een verkeerde inschrijving.

De gevolgen kunnen ‘wreed’ zijn: geen schenking, geen overdracht, geen planning, en vooral heel veel geruzie.

Indien men toch nietsvermoedend aandelen via een wijziging van het aandelenregister heeft geschonken, kunnen de gevolgen navenant zijn. Ofwel komt men tot de vaststelling dat de schenking nietig is, minstens dat de nietigheid ervan kan worden gevorderd (door minderbedeelde kinderen en mogelijk zelfs door de schenkers zelf of door de fiscus), ofwel moet men besluiten dat de overdracht mogelijk helemaal niet heeft plaatsgevonden, met eveneens alle gevolgen van dien. Indien de overdracht kaderde binnen een geheel van afspraken en regelingen, ontstaat zo mogelijk ook een belangrijke en ongewenste scheeftrekking. De gehele planning komt zo mogelijk op losse schroeven te staan. Ook de fiscus loert bovendien steeds om de hoek.

Ook na het overlijden van de ouders-schenkers kan een en ander tot de nodige discussie aanleiding geven. Immers, indien aandelen geacht worden nog in het vermogen van de ouders aanwezig te zijn, zijn die onderworpen aan de verdeling in natura, en dus in principe aan de gelijke verdeling onder de erfgenamen. Maar wat indien één van de kinderen intussen jarenlang slag om slinger in en voor het bedrijf heeft gewerkt en het bedrijf zo een belangrijke meerwaarde heeft weten te realiseren? Of omgekeerd, dat het bedrijf door wanbeheer van één van de kinderen forse verliezen heeft geleden? Ten goede of ten laste van wie komt of valt dit dan? En hoe moet dit alles worden verrekend? Er is immers ook de evolutie van de economische conjunctuur.

Zeer geregeld worden wij met dergelijke problematieken geconfronteerd binnen onze praktijk. Zolang de relaties goed zijn, is er geen probleem en is alles remedieerbaar (zeker onder de regels van het nieuwe erfrecht). Maar wat indien dit niet het geval is? Wat indien er spanningen zijn gerezen en partijen niet meer met elkaar spreken? Dan kan er bij wijze van spreken aan het front worden klaargestaan om de munitie vroeg of laat af te vuren. Rechtsonzekerheid troef dus, en voer voor jarenlange procedures, erfenistwisten en familiale breuken.

Het hof van beroep te Antwerpen velt een opmerkelijk arrest: een schenking van aandelen op naam via inschrijving in het aandelenregister dan toch geldig?

Het hof van beroep te Antwerpen heeft op 12 juni 2019 een opmerkelijk arrest geveld. Het hof gaat in tegen wat toch de meerderheid van de auteurs voorhouden en besluit tot de geldigheid van een schenking van aandelen op naam via (loutere) inschrijving in/wijziging van het aandelenregister, althans indien de inschrijving neutraal gebeurt en dus zelf geen melding maakt dat het om een schenking gaat. Het aandelenregister heeft volgens het hof zakelijke en bijgevolg eigendomsoverdragende werking. Het hof oordeelt dat anders oordelen zou betekenen dat een dergelijke overdracht de facto steeds herroepelijk is, onder het mom van de schending van de formaliteiten opgelegd door artikel 931 van het Burgerlijk Wetboek (vereiste van notariële akte) en dit haaks staat op de essentiële onherroepelijkheid van de schenking, behoudens de wettelijke uitzonderingen (die in casu niet aan de orde zijn).

De uitspraak is opmerkelijk en m.i. ook voor betwisting vatbaar. Het hof oordeelt m.i. ten onrechte ‘dat anders oordelen zou impliceren dat een dergelijke overdracht de facto steeds herroepelijk is, onder het mom van de schending van de formaliteiten opgelegd door artikel 931 van het Burgerlijk Wetboek’. Immers is in voorkomend geval artikel 931 van het Burgerlijk Wetboek m.i. niet van toepassing vermits er simpelweg geen akte voorligt. Het formalisme waaraan die akte moet voldoen kan dan logischerwijze evenmin zijn geschonden. De vaststelling is dan niet dat er een akte voorligt die niet voldoet aan het formalisme van artikel 931 van het Burgerlijk Wetboek, wel dat er simpelweg geen akte is. Aangenomen dat de inschrijving in het aandelenregister enkel de tegenstelbaarheid regelt en de uitvoering vormt van een eerder (rechtsgeldig) tot stand gekomen schenking, moet m.i. dan eerder worden besloten dat er geen schenking aan de grondslag ligt en de inschrijving in het aandelenregister dus een verkeerde inschrijving is, die zonder gevolgen blijft. Een inbreuk op het formalisme van artikel 931 van het Burgerlijk Wetboek is op zich dan evenmin aan de orde. Ook de andere door het hof aangevoerde motivatie overtuigt mij niet maar laat ik voor deze bijdrage buiten beschouwing (ze is eerder juridisch-technisch van aard). Al slaat het hof van beroep natuurlijk wel de nagel op de kop daar waar het stelt dat een en ander mogelijk misbruik van recht in de hand werkt…

Het nieuw Wetboek van Vennootschappen en verenigingen lijkt nochtans de andere weg in te slaan.

Het recent nieuw ingevoerde Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen lijkt dan weer vast te houden aan de meerderheidsopvatting in de literatuur. Het nieuw wetboek vermeldt voor de verschillende vennootschapsvormen immers dat de overdracht en overgang van effecten gebeurt ‘volgens de regels van het gemeen recht’. In de parlementaire voorbereiding wordt in dat verband aangegeven dat dit de bevestiging is van de opvatting die reeds op ruime instemming kon rekenen, namelijk dat de overdracht van aandelen inter partes (d.i. tussen partijen onderling) aan het gemeen recht is onderworpen. Daarvan te onderscheiden zijn dan de voorschriften die de tegenwerpelijkheid van de overdracht beheersen en die bepalen dat de tegenstelbaarheid gebeurt door een verklaring van overdracht ingeschreven in het register van de aandelen. M.a.w. de schenking van aandelen gebeurt (nog steeds) volgens de regels eigen aan de schenking en de inschrijving werkt niet eigendomsoverdragend maar dient enkel voor de tegenstelbaarheid.

Conclusie: Hoe zit het nu? Rechtsonzekerheid troef. Neem geen risico’s en speculeer niet op een jarenlange erfenistwist. Voorkomen is beter dan genezen.

Het hof van beroep te Antwerpen heeft met zijn arrest van 12 juni 2019 mogelijk nog meer rechtsonzekerheid gecreëerd dan dat er al was. Het arrest staat in schril contrast met een ruime opvatting in de literatuur en anderzijds lijkt ze ook niet te stroken met de nieuwe bepalingen van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen. Anderzijds is het de eerste maal dat een hof van beroep zich (in de laatste jaren) over deze problematiek uitspreekt en geniet dat toch enig moreel gezag. Het valt dan ook niet uit te sluiten dat de andere hoven van beroep en/of de lagere rechtbanken zich hierbij aansluiten. Maar evengoed gebeurt dat niet. Ook reëel is dat er tegen deze uitspraak naar het Hof van Cassatie wordt gestapt. Dat zou op zich goed nieuws zijn want dan mogen we binnenkort over deze problematiek een uitspraak verwachten van ons hoogste rechtscollege.

Wat er ook van zij; het is beter de problemen te voorkomen, eerder dan ze te moeten genezen. Wie aandelen op naam wil schenken, laat zich best met gespecialiseerd advies bijstaan. De geldigheid van de schenking is één iets, maar er is zoveel meer waar de schenker rekening mee moet houden. Hoe wordt de overdracht erfrechtelijk verrekend? Tegen welke waarde gebeurt de verrekening? Wat indien niet alle kinderen in het bedrijf actief zijn? Hoe de actieve en de niet-actieve kinderen ieder op zich beschermen, zonder de actieve kinderen in hun ambities te hinderen? In welke mate is er behoefte aan controle over en inkomsten uit de geschonken aandelen? In welke mate is er nood aan andere voorwaarden, lasten en modaliteiten om aan de schenking te koppelen? Wat is de impact van de ene beslissing op de andere te nemen beslissing? Hoe fiscaal een en ander optimaliseren, bijv. om te genieten van de vrijstelling in de schenkbelasting? Enz. Al deze zaken zijn niet te regelen via een loutere aanpassing van/inschrijving in het aandelenregister van aandelen op naam.

Heeft u in het verleden aandelen op naam via aandelenregister geschonken of geschonken gekregen, dan is het absoluut aangewezen uw dossier te laten nazien op de juridische rechtsgeldigheid van een en ander, op de gevaren die er mogelijk zijn en de risico’s die partijen mogelijk lopen. Een nietige schenking bevestigen/bekrachtigen tijdens het leven van de schenker kan niet. Wil men de schenking regulariseren, dan moet er opnieuw worden geschonken, met alle voor- en nadelen daaraan verbonden. Ook de fiscaliteit moet hier ter harte worden genomen. Na het overlijden van de schenker kan men een nietige schenking wel bevestigen, maar wat indien de erfgenamen op dat moment niet meer overeen komen, niet meer met elkaar praten en de ene geld ruikt van de andere? Dan dreigt een gevoelige en mogelijk jarenlange erfenisvete de familie wel eens definitief uit elkaar te trekken. Het verdient daarom de hoogste aanbeveling daarover nu reeds na te denken en de uitgevoerde planning te laten nazien en te analyseren, wilt u of willen uw naasten later niet voor voldongen feiten en verrassingen komen te staan. Wilt u rechtszekerheid en dito gemoedsrust dat gedane zaken geen keer meer nemen en niet meer ter discussie kunnen komen te staan, wat er in de toekomst nog gebeurt, laat u dan met professioneel advies bijstaan. Het recht is zeer complex geworden. U kan uw naasten zo van veel ellende besparen. Zeker het nieuwe erfrecht biedt op dat vlak zeer interessante opportuniteiten.