Goede afspraken maken goede vrienden. Vijf zaken die u mu00f3et weten als u met uw partner enkel feitelijk samenwoont

feitelijk samenwonen

Feitelijk samenwonen met uw partner? Vijf zaken om te weten.

U hebt sinds jaar en dag een vaste partner. U hebt (al dan niet samen) kinderen. U woont in een woning van een van u of in een woning die u samen hebt aangekocht. U bent (al dan niet beiden) professioneel actief.

Maar u bent echter niet gehuwd en u hebt ook geen verklaring van wettelijke samenwoning afgelegd: dan zit u in de situatie van feitelijk samenwonen.

In dat geval zijn er toch enkele zaken die u moet weten:

1. Wat van mij is, is van mij

U bouwt samen niets op, althans juridisch niet. Feitelijk samenwonen is niets meer dan een feitelijke toestand van 2 (of meer) personen die samenwonen. Daar vloeien geen rechten of plichten uit voort.

De feitelijke samenwoning wordt door de wetgever ook niet erkend. Er is geen enkele vorm van solidariteit en u participeert niet in elkaars vermogen. Iedere partner behoudt de goederen die hij of zij bij aanvang van de samenwoning bezit en die hij of zij tijdens het samenleven (onder welke titel ook) verwerft. Ook de inkomsten uit vermogen en arbeid behoren iedere partner uitsluitend toe.

Heeft een van de partners zich voor het gezin of voor de andere opgeofferd, op welke wijze ook, dan kan deze wel eens met lege handen achterblijven.

Hij/zij zal na het einde van de relatie deze ongelijkheid niet weten te corrigeren. Evenmin als dat er een recht op onderhoudsgeld ontstaat. De wetgever helpt u niet. U moet zelf verantwoordelijkheid nemen. U moet zelf uw belangen behartigen en in uw bescherming voorzien.

2. Bewaar goed de bewijzen van uw aankopen

Wie beweert eigenaar te zijn van een goed, moet dat bewijzen. Indien beide partners de eigendom claimen, komt het er op aan zoveel mogelijk gewicht in de weegschaal te leggen en de rechter te overtuigen. Goederen waarvan geen van beiden de eigendom kan bewijzen, worden vermoed aan ieder voor de helft toe te behoren. Een en ander kan bij relatiebreuk tot gevoelige en bikkelharde discussies leiden.

Bewaar dus goed alle bewijzen van hetgeen u zelf hebt aangekocht. Een bestelbon of factuur is niet altijd voldoende. Ook het rekeningafschrift waaruit de betaling blijkt, houdt u het best goed bij. Uiteraard geniet het de voorkeur om die discussies te vermijden en reeds tijdens de samenleving de nodige afspraken en overeenkomsten met elkaar te maken.

3. Bezint eer ge begint

Tijdens de samenwoning doet er zich noodgedwongen een vermenging van vermogens voor. U legt een bepaald bestedingspatroon aan de dag. Lasten en uitgaven die het samenleven met zich meebrengt worden ad hoc geregeld, naargelang de omstandigheden en de keuzes die worden gemaakt. Daarnaast investeert u, bijv. in de aankoop, verfraaiing en/of verbetering van een (eigen of onverdeeld) onroerend goed, in de aflossing van kredieten of in de uitbouw van een eigen zaak van de partner.

Of er worden zaken aangekocht waarbij de financiering niet overeenstemt met de uiteindelijke eigendomsaanspraken. Tijdens het samenleven wordt dat alles niet in vraag gesteld. Het is pas wanneer de relatie op de klippen loopt, wat zomaar kan, dat partners alles gecorrigeerd willen zien. Ook hierover regelt de wetgever niets. Partijen moeten rekenen op de goodwill van de rechter, die volledig autonoom beslist. Dat leidt tot veel rechtsonzekerheid.

Het Hof van Beroep te Antwerpen is op dat vlak zeer streng. Vorderingen in terugbetaling worden één voor een afgewezen. Partijen moeten zelf hun belangen zien te behartigen bij feitelijk samenwonen. De rechter komt niet tussen. Het Hof van Beroep in Gent is gematigder en kijkt of één van de twee partners tijdens het samenleven proportioneel meer heeft bijgedragen in de lasten van het samenwonen dan de andere. Enkel indien dit het geval is, wordt een terugbetaling toegestaan.

Een arrest van het Hof van Cassatie van 12 oktober 2018 dreigt roet in het eten te strooien en alles terug een stuk moeilijker te maken. Wees hiervan bewust. Een warm pleidooi dus om, bij belangrijke investeringen, materieel en/of financieel, u te laten bijstaan en de nodige overeenkomsten te laten opstellen.

4. De gezinswoning beschermd? Laat u niet verrassen!

Woont u in bij uw partner, laat u dan niet verrassen. U hebt immers niets in de pap te brokken. Behoudens gemaakte afspraken, behoudt de partner-eigenaar de volledige vrijheid om met de woning te doen wat hij of zij wil. U kan zelfs op elk moment verplicht worden om de woning te verlaten. Enkel moet u daarvoor een redelijke termijn krijgen. U kan daar niets tegen inbrengen want u hebt er geen rechten in. Hetzelfde geldt als enkel uw partner de gezinswoning huurt.

5. Uw partner overlijdt. Wees niet naïef. U erft in principe niets

Als feitelijk samenwonende partners bent u geen erfgenaam van elkaar. U geniet ook niet van een beschermd erfdeel. U bent op het vlak van erfrecht in feite vreemden voor elkaar. Dat betekent dat het vermogen van uw partner bij zijn/haar overlijden toekomt aan zijn/haar eigen familie: de (eigen) kinderen als die er zijn en zo niet, de ouders, broers en zussen, en eventueel nonkels, tantes, neven en nichten.

Het gaat dan om allerlei zaken zoals spaar- en effectenrekeningen, een handelszaak, aandelen van een vennootschap, inboedel, kunst, vastgoed, enz. Behoren goederen u in onverdeeldheid toe (bijv. omdat u ze samen hebt aangekocht), dan zal de onverdeelde helft van uw partner evenmin aan u toekomen. Enkel indien uw partner een testament in uw voordeel heeft gemaakt, zal u erven.

Weet evenwel dat er mogelijk limieten zijn aan hetgeen uw partner u kan nalaten (zodat het testament mogelijk geen volledige uitwerking krijgt) en een testament te allen tijde herroepbaar is, zelfs zonder dat u het weet. Mogelijk komt u bij het overlijden van uw partner dus voor een onaangename verrassing te staan. Desgevallend moet naar alternatieven worden gezocht om, zowel voor uzelf als voor uw partner, de nodige gemoedsrust te creëren.

Besluit

Feitelijke samenwoning biedt geen enkel wettelijk kader waarop samenwoners bij relatiebreuk kunnen terugvallen. Indien u er minnelijk niet uit geraakt, dan kan u wel eens in een lastig parket belanden. De rechtspraak is ook streng en biedt geen weinig garantie.

Er wordt een grote appreciatiemarge aan de rechter gegeven, wat zorgt voor rechtsonzekerheid. Het verdient in iedere situatie dan ook de voorkeur om onderling afspraken met elkaar te maken.

Dat kan over allerlei zaken gaan: over de organisatie van het samenleven, over (het bewijs van) de eigendom van goederen, over de vraag of gedane investeringen wel of niet moeten worden terug vergoed bij het einde van de relatie en zo ja, voor welk bedrag, over de huisvesting, enz.

Al deze zaken kunnen worden opgenomen in onderhandse overeenkomsten of meer algemeen, in een samenlevingsovereenkomst.

Door tijdens het samenleven reeds goede afspraken met elkaar te maken worden latere discussies maximaal vermeden en creëert u voor uzelf en voor elkaar de nodige rechtszekerheid. En ook dat is vermogensplanning.

Meer weten over de juridische mogelijkheden bij feitelijk samenwonen, wettelijk samenwonen of het huwelijk? Neem gerust contact met ons op